|
ingezonden stuk over de gemeenteraadsverkiezing |
PDF |
| Afdrukken | |
E-mail |
Provinciale DRENTSCHE en Asser COURANT
Zaturdag 13 Julij 1861
Ingezonden Stukken
Een woord aan den mede-kiezers te Smilde
Daar er tengevolge de Gemeentewet, met den 1 Sept. 1861 vier leden van den Raad in de gemeente aftreden, zoo stelt ondergeteekende voor, bij de ophanden zijnde verkiezing van 4 leden te kiezen of te herkiezen, zooals die op den 16 Julij 1861 bepaald is, noodigt de ondergeteekende de medekiezers uit, hunne stemmen mede te willen doen uitbrengen op de navolgende heeren: R. Jonker, aftredend lid en wethouder van den Raad, N.E. Servatius, Rijksontvanger, A.J.C. Tellegen, Notaris, en J. Drenthen, lid der schoolcommissie te Smilde.
Daar de voorn. heeren op een onafhankelijk standpunt in hunne betrekking tot de gemeente staan en ten overvloede bekend in de gemeente van regtschapene en naauwgezette mannen, om in den Raad zitting te nemen, doch in het bijzonder bevelen wij de voorn. heeren Servatius en Tellegen daartoe aan, als zeer bekwame en wakkere mannen, gepaard met een bezadigd beraad, volgens hun gemoed en geweten handelen, zooals die in eene zitting als raadsleden hunne stem met juistheid zullen uitbrengen, terwijl op zedekundig gebied hun levenswandel ook niet minder prijzenswaardig daartoe wordt gevonden. Zonder hen verder met lof van aanbeveling te overladen, zoo laten wij dit aan de medekiezers zelf over het te beoordeelen; of ze de aanbeveling waardig zijn, zal de op handen zijnde verkiezing beslissen; want waar daden van bekwaamheden en handelingen van zedelijkheid spreken zijn alle woorden van lof en hulde overtollig.
In de hoop van steller dezes , dat er mannen als de heeren Servatius en Tellegen naast den Voorzitter in den Raad plaats mogen nemen, die niet alleen altijd hun stem met stilzwijgen beantwoorden, maar, daar waar het noodig is inlichtingen en ophelderingen te vragen – doch niet zooals er zijn den Raad zeer gaarne verder ongemoeid weder verwijderen. Ten slotte acht den kiezer en steller dezer nog noodig de aandacht op de mede-kiezers te vestigen, dat zijn opinie niet is, om aan de persoons namen te hechten, zooals die der heeren Servatius en Tellegen, maar aan wakkere, bekwame, zelfstandige mannen van kunde en gezond verstand, gepaard met oordeel te besluiten in den Raad. Daarom stelt hij de voornoemde heeren aan de mede-kiezers voor, om hun stem met hem daarop te willen uitbrengen, zooals volgt op: B. Jonker, N.E. Servatius, A.J.C. Tellegen en J. Drenthen meer genoemd, waarvoor deze aanbeveling ook ten hoogste pleit naar mijn wijze van zien en heb daarom de vrijheid genomen zulks met een enkel woord de mede-kiezers onder het oog te brengen door middel der Drentsche en Asser Courant.
Smilde den 12 Julij 1861 L. Polak
|